EHRM Bărbulescu/Roemenië – waarborgen voor het monitoren van elektronische communicatie van een werknemer

Het Europese Hof van de Rechten van de Mens (EHRM) heeft op 5 september 2017, inzake Bărbulescu/Roemenië (aanvraagnummer 61496/08 (2017 ECHR 754)), een belangwekkende uitspraak gedaan: controle van de privé communicatie van werknemers kan een overtreding van de eerbiediging van privé-, familie- en gezinsleven opleveren (artikel 8 EVRM). In dit arrest geeft het Hof criteria die door de nationale autoriteiten moeten worden toegepast bij het beoordelen of een maatregel om de elektronische communicatie te monitoren evenredig is met het nagestreefde doel en of de betrokken werknemer is beschermd tegen willekeur.

Feiten

De zaak Bărbulescu v. Romania betreft de beoordeling van de beslissing van de werkgever om de heer Bărbulescu (‘de werknemer’) te ontslaan nadat de werkgever de werk gerelateerde Yahoo Messenger-account van de werknemer had gemonitord. Uit een transscript van de werkgever bleek namelijk dat de werknemer, in strijd met interne regelgeving, het internet/de computers voor persoonlijke doeleinden had gebruikt door berichten te versturen naar zijn broer en zijn verloofde.

Uitspraak

In afwijking van eerdere uitspraken oordeelt de grote kamer van het EHRM dat de Roemeense rechtbank heeft gefaald om een eerlijk evenwicht te vinden tussen de belangen van de werknemer aan de ene kant en de werkgever aan de andere kant. Bovendien moeten de autoriteiten ervoor zorgen dat elke invoering van maatregelen om de communicatie te controleren, vergezeld gaan met voldoende beveiliging tegen misbruik. Het Hof is namelijk van oordeel dat de Staat een positieve verplichting heeft om het respect voor privéleven en correspondentie in een arbeidscontext te waarborgen.

Monitoring door werkgever

Deze uitspraak betekent niet dat werkgevers in geen geval de communicatie van werknemers
mag monitoren of dat zij werknemers niet kunnen ontslaan voor het gebruik van internet op het werk voor privé doeleinden.

Wel kunnen er belangrijke waarborgen aan worden ontleend, waarmee ook de werkgever rekening kan houden:

  • de werknemer dient van tevoren op de hoogte te worden gesteld van de mogelijkheid dat de werkgever maatregelen kan nemen om communicatie te controleren. Hierbij moet duidelijk zijn wat de aard van de monitoring is;
  • de werknemer dient te zijn geïnformeerd over de omvang van de controle en de mate van inbreuk op de privacy (zoals: alle informatie of slechts een deel, altijd of beperkt in tijd, iedereen of beperkt toegankelijk);
  • de werkgever dient aan de werknemer de reden bekend te maken voor de controle van de communicatie en de toegang tot de inhoud;
  • er dient een ​​controlesysteem te worden opgezet waarbij het nagestreefde doel zou kunnen worden bereikt zonder direct toegang te krijgen tot het volledige inhoud van de mededeling van de werknemer;
  • de maatregel mag alleen worden aangewend voor het beoogde doel;

de werkgever dient voldoende beschermingsmaatregelen aan de werknemer te hebben geven.